“Aanvaard geen man voor minder dan 500 koeien.”

Ik knipper met mijn ogen om te wennen aan het donker van de hut. Dat er geen ramen zijn kan ik begrijpen. De droge hitte slaat genadeloos neer daarbuiten en het donkere huis met muren van opgedroogde koeienstront biedt wat koelte. Het voelt alsof ik terug in de tijd gereisd ben, als een ontdekkingsreiziger die temidden van de uitgestrekte Afrikaanse savanne een onbekend volk ontmoet. De Datoga leven nog grotendeels zoals hun voorouders dat al eeuwen lang voor hen deden. Drieduizend jaar geleden woonden ze in Soedan en de hoogvlakten van Ethiopië. Die afkomst zie je nog aan hun fijne gelaatstrekken en lange smalle benen. De zoektocht naar vruchtbare gronden voor hun vee bracht hen enkele honderden jaren geleden naar het huidige Tanzania. Ooit waren deze mensen ‘gevreesde krijgers’ (wie hun vee steelt zoals de Masai ooit waagden, kan beter twee keer nadenken!) maar dezer dagen zijn ze vreedzaam en ontvangen ze mij en mijn travelling sister Lesley met een handdruk en hun woord voor hallo: seyoe. Praten kunnen we alleen via onze tolk, de jonge Datoga man Rama, die als één van de weinigen van zijn stam naar school is geweest en zich ontpopt tot een uitstekende verhalenverteller.

Blanke bezoekers zijn hier niet compleet ongewoon, maar de gemiddelde toerist hangt hier een half uurtje rond voor wat snelle snapshots met de ipad of iphone tijdens een traditionele dans en een demo vuur maken. En dan gaat het weer hup de safaritruck in, op naar het volgende. Nee, daarvoor zijn wij niet gekomen.

Wij zijn geen toeristen, maar reizigers. We willen de tijd nemen om de familie te ontmoeten, te observeren, met hen te praten. Er is geen haast. Er zijn geen klokken en geen horloges. Zelfs jaartallen zijn hier niet van belang.

En zo komt het dat we de enige bezoekers zijn en worden uitgenodigd in één van de huisjes rond het woonerf. Het is het huis van de derde vrouw van het familiehoofd. In totaal zijn er vier echtgenotes. Zo gaat dat hier. Veel vrouwen en veel kinderen. We zitten op lage krukjes in de leefkamer terwijl de vliegen rond zoemen en de kom maïspap in een hoek van de kamer belagen. Twee dochters lopen in en uit. De jongens zijn bezig met het vee. De gastvrouw draagt traditionele juwelen en terwijl ze half in het duister, half in het buitenlicht zit dat door de deuropening binnenvalt, tekenen haar gelaatstrekken zich mooi af. Haar hoofd is kaal, want kapsels zijn hier alleen maar lastig.

Het vertrouwen lijkt gewonnen, want na een tijdje wil ze dat we haar volgen naar de ruimte naast de leefkamer. Ik moet me bukken en we staan op elkaar gepropt in wat de slaapkamer blijkt te zijn. Ze klopt op haar bed, een lederen vel op een verhoogje. Slaapt ze hier met al haar kinderen? Nee, die slapen meestal in het grotere huis van de vierde echtgenote. Hier slaapt zij, met de echtgenoot wanneer hij langskomt. Er moet hier al van alles gebeurd zijn in het duister op dit lederen velletje, maar we vragen wijselijk geen details. Dan haalt ze twee jurken tevoorschijn. Ze lacht en wil graag dat we die aantrekken. Het zijn korte jurken van leder die ze over ons hoofd trekt en strak aansnoert rond ons middel. Kleurrijke kettingen met kralen zwieren op onze poep. Ik ben eigenlijk te groot voor haar kleedje, maar we hebben er plezier in. Voor het huisje poseren we, ik steek meer als een hoofd boven haar uit. Het contrast kan niet groter zijn.

We mogen de jurken aanhouden tijdens het hele bezoek en worden meegenomen naar het huis van de eerste echtgenote. Alle vrouwen en de jongste kinderen zitten daar samen in de leefruimte. Wij zijn met onze blanke huid en lang bruin haar even exotisch voor hen als zij voor ons en nieuwsgierig nemen we elkaar op. De vrouwen tonen hoe ze maïskorrels fijn schuren met een zware steen. Met geklap en gezang moedigen ze ons aan om ook een poging te wagen. Daar zit ik dan, strak ingesnoerd in een lederen kleedje, op mijn knieën, de steen steeds opnieuw heen en weer schurend over de maïskorrels. Ze knikken goedkeurend en gebaren dat ik er nog wat nieuwe korrels bij moet voegen. Of ik getrouwd ben, wil de oudste vrouw weten via tolk Rama. En de andere vrouw? Dat geen van ons beiden getrouwd is, antwoorden we. En dat in ons land een man maar met één vrouw kan trouwen, dat man en vrouw elkaar kiezen en ook kunnen beslissen om uit elkaar te gaan. De vrouwen luisteren terwijl Rama vertaalt. Het is moeilijk om in te schatten hoe ze daar over denken, of ze zich daar überhaupt iets bij kunnen voorstellen, maar de oudere vrouw antwoordt iets. Rama vertaalt opnieuw.

“ Ze zegt dat je trots mag zijn. Je bent mooi. Je moet geen man aanvaarden die minder dan 500 koeien wil geven om te trouwen.”

Geen idee hoeveel koeien een Datoga man gemiddeld over heeft voor een echtgenote, maar bij de Masai zijn het er 70, in verschillende afbetalingen. Dan is 500 zo slecht niet denken we zo. Dit is hun referentiekader. Het huwelijk is geen romantische aangelegenheid. Het gaat om het in stand houden van het leven. De man kiest een eerste echtgenote en overtuigt zijn schoonvader met goed gedrag, zoveel mogelijk koeien en serieus wat kilo’s honing. De eerste echtgenote kiest na verloop van tijd de tweede echtgenote, de tweede de derde, en zo gaat het door tot het genoeg is. Van jaloezie is geen sprake.

Hoe dankbaar we ook zijn dat deze Datoga familie zich heeft opengesteld voor ons, we hebben geen intentie om als vijfde en zesde echtgenote te blijven. We overhandigen de jurken weer aan de derde echtgenote en schudden ter afscheid opnieuw handjes met iedereen. De ontmoeting blijft nog lang nazinderen. We hebben eventjes vertoefd in een wereld waarvan je eigenlijk niet beseft dat die nog bestaat. Geen elektriciteit, geen stromend water, geen media, geen smartphone, geen educatie of gezondheidszorg. Honingbier als middeltje tegen van alles en nog wat. Het woonerf en de omliggende vlaktes voor het vee zijn hun leefwereld. Tradities zijn de leidraad. Individuele wensen zijn niet van belang. Je weet gewoon niet wat de wereld te bieden heeft, er zijn geen alternatieven. Het leven verloopt van dag tot dag. Daar even getuige van mogen zijn, vinden wij – de travelling sisters – een groot voorrecht. Wij die zo veel nadenken over wat we nu eigenlijk willen in het leven, een waaier aan mogelijkheden hebben en soms rusteloos worden van de gedachte aan zoveel ongeleefde levens, want wat als …?

Are you happy?” vraag mister Haji, onze vaste gids/chauffeur wanneer we onze landcruiser weer inklimmen, klaar om de reis verder te zetten. Die vraag krijgen we hier meerdere keren per dag, want ze willen ook écht dat we de tijd van ons leven hebben. We knikken. “Yes, we are happy!”. Dat wij speciallekes zijn, vindt hij. Want we nemen in tegenstelling tot veel andere mzungu’s (blanken) de tijd om te praten met de mensen die we ontmoeten, gaan ’s avonds in het bush camp (waar we overigens in hemelbedjes slapen en zelfs warm water hebben) mee rond het kampvuur zitten bij de locals en stellen hen vragen. Wat hen ook weer aanspoort om met ons in gesprek te gaan en te informeren wat bijvoorbeeld de grootste tribe is in België en of wij daar ook olifanten en leeuwen hebben. “You know…,” zegt mister Haji met zijn luide stem die ons soms omhoog doet springen van het verschieten en in zijn Engels met Afrikaans tintje, “people ask me: whèèère did you find these sisters? You are special! I knew it from the first day, because you speak from the heart.” In een land met mensen die zo vriendelijk en respectvol zijn voor reizigers vinden wij dat niet eens een opgave.

Net weer thuis is het bekomen van zoveel indrukken, een omgekeerde cultuurshock ook. En toch doet die intensiteit ook enorm deugd. Het mag diep gaan. Er is weer iets mooi toegevoegd, moeilijk te benoemen, maar iets wat ik voor de rest van mijn leven zal meedragen. Al wordt de volgende bestemming iets rustiger. Kleine Italiaanse dorpjes, een rustig huisje, krekelgetsjirp, hangmat en lekker eten. En wie weet vindt daar ergens een knappe Italiaan mij wel (minstens!) 500 koeien waard. Al mogen het ook 500 Italiaanse wijntjes zijn.

 

 

 

 

 

2 gedachten over ““Aanvaard geen man voor minder dan 500 koeien.”

Voeg uw reactie toe

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: